U bevindt zich hier: Home > Blog > De zware reis van een stoppende roker
terug

De zware reis van een stoppende roker

25 oktober 2018

35  jaar lang, vanaf mijn 15e tot 50ste was ik een behoorlijk straffe roker. Waar Monique was, was een shaggie. Ik rookte op de douche en op de rand van mijn bed. Was er geen moment om te roken, dan creëerde ik dat moment wel. Ik ging er nooit bewust voor zitten, maar rookte juist tijdens mijn bezigheden. Ik heb zeker een aantal stoppogingen gedaan. Als ik accupunctuur had gedaan, dan wilde ik buiten meteen weten of ik het roken vies vond, dus stak meteen een sigaret op. Stom! Kauwgom, cold turkey, medicatie. 1x heb het zomaar 7 weken volgehouden zonder sigaret. Het ging me héél gemakkelijk af, maar eens zo makkelijk stak ik ook weer een sigaret op. Jaren last van COPD, hoesten, bronchitis, longontstekingen, prednison. Maar toch door roken, al kon je niet over de longen roken. Migraine van het hoesten. Mijn inhaler innemen, in mijn andere hand die sigaret.

Meerdere mensen in mijn omgeving stopten met roken, heel Nederland spreekt inmiddels over roken in het openbaar. Vaak als ik een sigaret opstak, dacht ik: “ik moet toch echt gaan stoppen.” Ik begon me steeds aparter te voelen, om stiekem in ergens te moeten roken, omdat anderen het roken maar vies vonden. Vroeger hoorde je erbij als je rookte, dat is inmiddels steeds meer omgedraaid. Inmiddels twee kleinkinderen, ook achter de kinderwagen en in de speeltuin en kinderboerderij rookte ik. Maar niet echt openbaar, heel stiekem, voorzichtig de rook uitblazend, zodat niet iedereen dat zag. Ik schaamde me inmiddels wel voor mijn eigen gedrag. Vaak zag ik voor me dat ik het stoppen met roken cadeau wilde doen aan mijn kleinkinderen. Want als ik het hun beloofde, was er toch geen weg meer terug? Maar ik hield stijf m’n lippen op elkaar en deed hun die belofte maar niet.

Een begin 

Inmiddels had ik door dat ik als roker ook helemaal niet gelukkig was. Het stoppen ging steeds meer aan me knagen. Maar als ik nu nog een poging doe, wil ik niet falen, dan wil ik dat het me lukt... Maar overtuiging dat het me echt zou lukken, was wel heel ver te zoeken. Op de een of andere manier heb ik toch de stap genomen om naar de huisarts te gaan voor ondersteuning. Ik werd doorverwezen naar de huisartsverpleegkundige, zij hielp me aan champix ter ondersteuning. Af en toe een ondersteunend gesprekje, en het kostte niets, werd op deze manier door de verzekering vergoed. Ik had me al bedacht, dat ik in een leeg shagpakje wat gedroogd gras zou doen en een pakje vloei. Bij hevige trek kon ik dan een sigaretje draaien, met de hoop dat de trek dan weer over zou zijn. De praktijkverpleegkundige, zei dat ik dat maar beter niet kon doen. Anders bleef ik alles associëren met het roken.

Ik heb netjes de champix geslikt, tot de stopdag kwam. Ik zou bij mijn dochter oppassen die dag. Had ik ook wat afleiding. Die dag liep alles anders, conflict met mijn dochter, uren in de garage gezeten met pech, ik wilde zo graag roken, zat er helemaal doorheen. Kwam ik bij huis aan, loopt mijn buurvrouw daar: “Hé Monique, hoe gaat het stoppen?” “Blegh, helemaal niet goed”. Toen ik binnen kwam, heb ik alles uit de prullenbak gehaald wat ik maar vinden kon. Ben op de bank gaan zitten, en heb veel gerookt. Ik voelde me totaal niet schuldig maar voelde me gelukkig weer wat beter.

Ach, gister was het niet gelukt, dus ik ga het vandaag opnieuw proberen. Ik voelde me flink emotioneel. Liep huilend op het werk rond. Ik kwam de arts tegen en vertelde haar dat ik gestopt was. Zij vertelde mij dat het stoppen in mijn hoofd zat en niet in mijn hart. Het moest eerst in mijn hart zitten, het verlangen om te stoppen met roken. Later kwam ik op een andere locatie, ook daar kwamen de tranen weer. “De arts zegt dat ik het in mijn hart moet voelen, maar als het daar bovenin zit, hoe krijg ik het dan in mijn hart?” Mijn collega, zei heel logisch “Als je het maar lang genoeg in je hoofd hebt, komt het vanzelf in je hart”.

Zo een uur niet gerookt, twee uur niet gerookt, enzovoort. Ik hield elk uur bij dat ik niet rookte. Al snel mocht ik dagen tellen! Ik had het idee dat ik mijn maatje kwijt was geraakt. Mijn maatje waar ik mijn emoties aan kwijt kon. Als ik boos of verdrietig was, dan ging ik altijd met hem ergens een plekje zoeken en inhaleerde lekker diep. Ik voelde een leegte, maar voelde me ook steeds trotser worden. Al 4 dagen van het roken af. Jeetje, wat goed!. Ik bleef een aantal weken in de emotionele achtbaan, ik deed dingen wat ik nooit van mezelf zou geloven. Ik denk dat het allemaal een soort van troost zoeken is geweest. Mensen om mij heen zagen mij veranderen. Ik kreeg vaak te horen dat ik er goed uit zag. Inmiddels had ik zoveel kracht, ik dacht: “Als ik mee ga naar een wereldcongres, help ik de hele wereld van het roken af!” Zo goed voelde ik me. Een keer kwam ik met een cliënt in gesprek. Ze durfde voor het eerst een gesprekje met me aan te gaan, vertelde ze me. Ik zag er zo anders uit. Eerder durfde ze me niet aan te spreken. 

Wauw al twee maanden van het roken af, wauw al drie maanden…

Dinsdagavond neem ik mijn laatste champix, maar donderdag voelde ik me niet lekker. Ik dacht dat ik griep kreeg en heb mijn werk eerder verlaten. Ik heb alles zo uit handen laten vallen, wat niet echt bij mij hoort. Ik zal altijd goed overdragen en zorgen dat alles op rolletjes blijft lopen. Het kon me die dag niet schelen. Ik wilde alleen maar naar huis. Ik voelde me die dag steeds depressiever worden.

Mijn ogen gingen open. Op de vrijdag zat ik er helemaal doorheen. In paniek heb ik de praktijkverpleegkundige gebeld. Ik trok het niet meer. Ik ging door het plafond. Kon helemaal niets meer hebben. Ik heb een telefoon kapot gegooid in de huiskamer, omdat iemand herhaaldelijk bleef bellen, terwijl ik met de mobiel telefoon in gesprek was. Ik was bijna hysterisch. Ik heb de praktijkverpleegkundige gevraagd om mij champix langer te laten gebruiken. Alles moest in overleg met de huisarts. Wat duurde dat lang. Later werd ik terug gebeld, in overleg met de apotheek, kreeg ik Nortrilen. Vergelijkbaar met champix, maar dit middel werd langdurig vergoed door de zorgverzekeraar. 

Oké, ik heb niet gerookt, ook niet als mijn buurvrouw heel demonstratief bij mij zat te roken. Of mij zelfs haar sigaret aanbood. Maar ik zakte steeds dieper weg, regelmatig naar de huisarts. Uiteindelijk begon hij de diagnose depressie vast te stellen. Hulp was er niet te krijgen. In de ggz zijn erg lange wachtlijsten. Mijn huisarts wilde me zelfs op laten nemen op de crisis. Maar dat wilde ik niet. Ik zocht naar allerlei behandelingen bij verschillende instanties. Eerstelijns psychologen, maar overal wachtlijsten. Wat voelde ik mij eenzaam.

Ik maakte me zorgen over mijn moeder. Zij was al 90, het laatste wat ik nog had. Als zij er niet meer was, hoefde het voor mij ook niet meer. Ik was al 20 jaar mantelzorger en zag dat ze achteruit ging. Ik besefte me ook tegelijkertijd dat ik helemaal geen eigen leven had daardoor. Ik heb mijn dochter ook voor een groot gedeelte alleen opgevoed, ik ben al 23 jaar gescheiden. In deze periode loopt het helemaal niet lekker met mijn dochter. Door een conflict verbreken we het contact. Ook geen contact meer met mijn kleinkinderen. En nog steeds niet gerookt. Het roken kon dit ook allemaal niet meer goed maken. Mijn depressie werd niet veel beter en nog steeds geen hulp. Beetje van de kast naar de muur gevoel met je ziel onder de armen. Ik ben op sport gegaan, dat deed me wel goed. Het was een laagdrempelige sportschool, beetje pilates en buikspieroefeningen. Ondanks mijn COPD ging het me redelijk af. Ik werd er trots op dat ik me op lichamelijk gebied beter ging voelen. Ik had veel meer lucht, ik hoestte veel minder. Ik kon zelfs een stukje rennen.

Vooruitgang

Bij mijn longfunctietest ging het echt heel erg goed. Ik was bijna uit Gold2. Ik zat echt nog op de grens. Beetje bij beetje kwam er hulp op gang. Mijn moeder werd slechter, sinds die dag heb ik weer contact met mijn dochter. Mijn dochter heeft me gesteund. Inmiddels is mijn moeder alweer een jaar overleden. Waar ik zo bang voor was, heeft mij juist verlichting gegeven. Ik heb mijn eigen leven. Het contact met mijn dochter is hersteld. Op dit moment pas ik tijdelijk 1 dag per week op mijn drie kleinkinderen. Afgelopen weekend hebben de twee oudste weer na hele lange tijd bij mij gelogeerd. Ik zit inmiddels op een andere sportschool. Ik heb nog wel gesprekken met een psycholoog, maar ik heb geleerd voor mezelf te zorgen en ben nog aan het leren. En! Nog steeds niet gerookt.

Ik zeg tegen anderen, dat ik supertrots ben. Maar ik zeg niet dat ik voorgoed gestopt ben. Ik laat het allemaal open. Maar ik ben me zeker van bewust, dat het heel dom zou zijn om er 1 op te steken. Met 1 sigaret zou ik weer helemaal van het pad af zijn. Ik voel me goed, ben aangekomen, wat nooit lukte. Nu wil ik afvallen. Maar het is allemaal goed zo. Ik ben geen ongelukkige roker meer. Maar ga mezelf steeds meer waarderen. Inmiddels heb ik twee jaar niet gerookt. 27 oktober 2016 was mijn stopdag!

Deel dit bericht:


Reacties

Nog geen reacties geplaatst

Plaats reactie